Appingedam – Cody Rozema is een echte Damster. Hij is 25 jaar, geboren en getogen in Appingedam en er altijd gebleven. Toch heeft hij in zijn jonge leven minstens zeven keer moeten verhuizen. Niet uit vrije keuze, maar door aardbevingsschade en versterking. ‘Ik heb alle hoeken van Appingedam gezien,’ zegt hij. ‘En bijna elke verhuizing had te maken met schade. Dat doet wat met mensen.’
Volgens Rozema is de aardbevingsproblematiek veel meer dan een technisch dossier. ‘Je ziet gezinnen worstelen. Ouders die moeten vechten voor duidelijkheid. Het gaat niet alleen om stenen, maar ook om stress en onzekerheid. Dat tast het vertrouwen in de overheid aan.’
‘Toen ik 15 was wilde ik weg’
Als tiener zag hij zijn toekomst niet in Groningen. ‘Toen ik 15 was wilde ik hier weg. Het zat me hoog. Het werd ons ook gewoon verteld: hier is niets, hier zijn weinig kansen.’ Hij zag veel leeftijdsgenoten vertrekken en begreep dat. ‘Dat idee leefde breed. Niet alleen onder jongeren, maar ook bij volwassenen.’
Toch veranderde zijn blik. ‘Ik ben gaan rondkijken en mijn horizon gaan verbreden. En uiteindelijk ben ik het heel anders gaan zien. Ik weet nu dat er hier in Eemsdelta juist superveel kansen zijn.’
Roemenië als kantelpunt
Een belangrijk keerpunt kwam toen Rozema op zijn achttiende op uitwisseling ging naar Roemenië. Daar zag hij hoe mensen leefden en hoe anders de omstandigheden waren. ‘Toen drong het besef tot me door dat ik hier eigenlijk niets te klagen heb. Echt. Hier kun je alle kanten op, maar je moet er wel iets van maken.’
Die ervaring maakte hem actiever. ‘Je kunt niet passief blijven. Je hebt mensen nodig die dingen organiseren. Handen uit de mouwen.’
Samen met anderen richtte hij Stichting Noord op, waarmee jongerenprojecten en internationale uitwisselingen worden georganiseerd. ‘We nemen jongeren mee en laten ze ontdekken wat er mogelijk is. Niet alleen in de wereld, maar ook in zichzelf. Dat geeft perspectief.’
Minderwaardigheidsgevoel
Rozema noemt het een probleem dat veel jongeren in deze regio opgroeien met het gevoel dat er weinig toekomst is. ‘Als je altijd hoort dat hier geen kansen zijn, ga je dat geloven. En dan wordt het lastig om te durven bouwen aan je eigen leven.’
Volgens hem begint het met een simpele keuze: blijf je hangen in teleurstelling, of bouw je iets op? ‘Hoe wil je je volwassen leven inrichten? Zie je jezelf hier iets maken, of zoek je het elders?’
Kracht van de gemeenschap
Wat hem bindt aan Appingedam is de gemeenschapszin. ‘Je kent hier de gezichten. Je komt elkaar tegen op de markt. Dat is een enorme kracht van Eemsdelta.’ Hij ziet ook potentie in toerisme en erfgoed. ‘Appingedam heeft sfeer, historie, karakter. Dat moet je beschermen, ook bij versterking. Als je niet oplet, verlies je de charme die deze plek juist bijzonder maakt.’
Evenementen als verbinding
Rozema vindt dat de gemeente meer moet doen om levendigheid te ondersteunen. ‘Wat ik jammer vind, is dat een evenement soms wordt gezien alsof het een calamiteit is. Maar een evenement is juist goed voor de gemeenschap. Het brengt mensen samen en het helpt ook de lokale economie.’
Volt wil organisatoren beter ondersteunen met een duidelijk loket en praktische hulp. Ook het idee van een nachtburgemeester past daarin. ‘Dat kan een schakel zijn tussen horeca, ondernemers, muzikanten en beleid. Dan kun je ook beter nadenken over veiligheid, vergunningen en bijvoorbeeld nachtbussen.’
Wonen: ‘dit is niet meer uit te leggen’
Volgens Rozema is wonen één van de grootste knelpunten. ‘Jongeren betalen soms wel 1500 euro voor een gewone woning in Delfzijl. Dat kan zo niet.’
Wat hem vooral steekt, is dat wisselwoningen die voor de versterking zijn geplaatst langere tijd leeg staan of alweer worden gesloopt. ‘Dat is kapitaalvernietiging. Die woningen zouden makkelijk tientallen jaren mee kunnen. Ondertussen blijven jongeren noodgedwongen bij hun ouders wonen.’
Bereikbaarheid en kansen in de haven
Ook bereikbaarheid is volgens hem een struikelblok. ‘Studeren of werken buiten de gemeente is soms omslachtig. Je bent afhankelijk van routes en overstappen richting Groningen. Dat kan beter.’
Daarnaast vindt hij dat onderwijs en arbeidsmarkt sterker gekoppeld moeten worden aan kansen in de regio. Hij noemt zijn stage bij Groningen Seaports als voorbeeld. ‘Ik ging al jaren met de trein langs dat gebied, maar ik wist niet hoe indrukwekkend het is. Tijdens een rondrit zag ik pas hoeveel er gebeurt. Die passie spatte ervan af. Dat veranderde mijn hele perspectief.’
Trots op identiteit
Rozema is trots op de identiteit van de streek. ‘De Nacht van Appingedam, Pinksteren in Delfzijl of de feesten in de dorpen. Die tradities horen bij ons. Onze streektaal, het groeten op straat en de eierbal bij de snackbar. Dat maakt onze lokale cultuur.’
Volgens hem moet Eemsdelta stoppen met klein denken. ‘We hebben hier erfgoed, industrie, havens, gemeenschap. Er is zoveel kracht. Maar je moet het wel durven benutten.’
‘Hier ligt toekomst, als je hem samen maakt’
Met Volt wil Rozema meewerken aan een gemeente die vooruitkijkt en vertrouwen terugbrengt. ‘We hebben een hele regio opnieuw op te bouwen. Dan mag je best wat meer lef tonen.’
Zijn boodschap is helder: Eemsdelta is meer dan schade en achterstand. ‘Hier ligt toekomst,’ zegt hij. ‘Maar dan moeten we hem wel samen maken.’




