Provinciale fracties Partij voor de Dieren na stikstofadvies Remkes: kabinet, neem uw verantwoordelijkheid!

Groningen – De gezamenlijke Statenfracties van de Partij voor de Dieren roepen het kabinet op om landelijke regie te nemen, nu Remkes opnieuw heeft onderstreept dat de uitstoot van stikstof voor 2030 gehalveerd moet zijn. De opgave voor de landbouwtransitie is te veelomvattend, de natuur is in te slechte staat: nóg langer wachten op een integrale stikstofaanpak is onverantwoord. Het dossier volledig overlaten aan de provincies is volgens de 12 Provinciale Statenfracties van de Partij voor de Dieren een te groot risico om de stikstofdoelen op tijd te gaan halen.

Investeren in technologische lapmiddelen, zoals luchtwassers of emissiearme stalvloeren of het verplaatsen van veehouderijbedrijven zijn schijnoplossingen waar wij niet mee akkoord gaan. Het kabinet moet nu werk maken van de integrale transitie naar een toekomstbestendige landbouw, om te beginnen met 75% minder dieren in de veehouderij, zodat niet alleen stikstofdoelen gehaald kunnen worden, maar ook de afspraken die gemaakt zijn om de klimaatcrisis op te lossen.

Het gedwongen uitkopen van veehouders moet niet langer uitgesteld worden, zoals Remkes ook adviseert. Ook uitbreidingen van veehouderijen, die ondanks de stikstofcrisis nog altijd vergunningen krijgen, zouden niet langer toegestaan moeten worden. Lopende vergunningstrajecten moeten worden gestopt. De Provinciale Statenfracties van de Partij voor de Dieren pleiten voor het direct beëindigen van intensieve veehouderijen rondom kwetsbare natuurgebieden. Een belangrijk deel van de grond die hierdoor vrijkomt moet teruggegeven worden aan de natuur, een klein deel kan worden gebruikt voor de nodige woningbouw. Deze maatregelen zullen op korte termijn leiden tot een flinke stikstofreductie.

De Provinciale Statenfracties van de Partij voor de Dieren benadrukken dat de afspraak in het regeerakkoord (een halvering in 2030) de minimale ondergrens is voor de natuur. Een integrale aanpak om de transitie van de landbouw te bewerkstelligen is noodzakelijk. Thema’s als dierenwelzijn, het voorkomen van uitbraken van dierziekten (zoönosen), volksgezondheid, klimaatverandering, droogte zouden integraal moeten worden meegenomen in de aanpak. De Partij voor de Dieren mist de radicale keuze voor minder dieren. Minder dieren betekent immers minder mest en daarmee minder stikstof.

Met een forse krimp van het aantal landbouwdieren krijgt de natuur weer lucht en kan zij langzaam herstellen. Hiervoor moet het aantal dieren in de veehouderij met 75 procent worden teruggebracht. Dit draagt ook bij aan de verbetering van het klimaat, de waterkwaliteit en dierenwelzijn.

Statenlid Ankie Voerman: “De overheid moet nu vol inzetten op transitie in de landbouw. Duizenden agrarische ondernemers boeren al op deze manier. Deze pioniers zijn het voorbeeld voor de sector en zijn het perspectief van de landbouw voor onze provincie. De Partij voor de Dieren in Groningen heeft, net als de PvdD-fracties in de andere provincies, ideeën om deze uitdagingen het hoofd te bieden. Laten we samen optrekken met toekomstbestendige groene boeren en natuurorganisaties om de noodzakelijke doelstellingen uit te werken en uit te voeren. Nu en na de verkiezingen van maart volgend jaar.”

Back to top button