Eemshaven – De Eemshaven dreigt een belangrijke activiteit kwijt te raken. De afbouw van grote cruiseschepen van de Meyer Werft verhuist namelijk naar de Duitse haven van Emden. Dat meldt de Duitse krant Welt. De scheepsbouwer wil de einduitrusting van nieuwe cruiseschepen voortaan niet meer in Nederland uitvoeren, maar dichter bij de werf in Duitsland.
Volgens de plannen wordt de haven van Emden de komende jaren de vaste uitrustingshaven van Meyer Werft. Daar krijgen nieuw gebouwde schepen na hun tewaterlating de laatste technische installaties en afwerking. Het gaat in eerste instantie om vier nieuwe cruiseschepen van de werf in Papenburg, die in 2027 en 2028 worden opgeleverd. Daarnaast bestaat er een optie voor nog eens drie schepen.
Tot nu toe vindt deze afbouw plaats in de Eemshaven, waar de steeds grotere cruiseschepen sinds de jaren negentig worden uitgerust en afgewerkt. Met de keuze voor Emden wordt die werkwijze stap voor stap beëindigd.
De havenbeheerder NPorts gaat in Emden investeren om de komst van de schepen mogelijk te maken. Zo worden onder meer baggerwerkzaamheden uitgevoerd en wordt de ligplaats in de buitenhaven uitgebreid. De cruiseschepen – die tot 350 meter lang kunnen zijn – zullen straks afmeren bij de graansilo’s in de buitenhaven van Emden, nadat ze via de Eems vanaf de werf in Papenburg zijn overgebracht.
Tijdens de afbouw werken naar verwachting enkele duizenden mensen tegelijk aan boord van de schepen. Zij verzorgen de laatste werkzaamheden, zoals het inrichten van hutten en publieke ruimtes en het installeren van technische systemen.
De deelstaat Nedersaksen verwacht dat de verplaatsing van de werkzaamheden de maritieme economie in de regio zal versterken. Volgens de overheid ontstaat daarmee voor het eerst een volledige productieketen: van de bouw van cruiseschepen in Papenburg tot de uiteindelijke afbouw in Emden.
De Duitse overheid en de deelstaat Nedersaksen stapten in 2024 financieel in bij Meyer Werft, dat in zwaar weer verkeerde. Beide namen toen 40 procent van de aandelen over en investeerden samen 400 miljoen euro. Daarnaast werd een kredietlijn van 2,6 miljard euro beschikbaar gesteld om de toekomst van de werf veilig te stellen.




