Eemshaven – De provincie Groningen wil zich inzetten voor een nieuwe veerbootverbinding tussen de Eemshaven en de Noorse havenstad Arendal. Financiële toezeggingen zijn er echter nog niet gedaan. Dat blijkt uit antwoorden van het college van Gedeputeerde Staten op vragen van ChristenUnie en D66.
Volgens het college is er vanuit de provincie geen directe financiële bijdrage toegezegd voor de ferryverbinding. Wel is uitgesproken dat de provincie zich hard wil maken voor de aanleg van een nieuwe kade in de Eemshaven. Die kade is noodzakelijk om een dagelijkse ferryverbinding mogelijk te maken.
Aanvraag van 36 miljoen euro
Groningen Seaports heeft voor de aanleg van de kade een aanvraag ingediend bij de economische agenda van Nij Begun. Het gaat om een bijdrage van 36 miljoen euro. De totale kosten van het project worden geraamd op 75 miljoen euro.
De besluitvorming over deze bijdrage ligt uiteindelijk bij het Rijk. Eerst moeten de Stuurgroep Economische Agenda Nij Begun en het dagelijks bestuur van het Nationaal Programma Groningen advies uitbrengen. Daarna neemt de staatssecretaris een definitief besluit. Als het Rijk groen licht geeft, zal de provincie haar standpunt inbrengen binnen het dagelijks bestuur van Groningen Seaports.
Publieke bijdrage noodzakelijk
Het college zet in op een substantiële publieke bijdrage voor de realisatie van de kade. Volgens de provincie is de investering te groot om volledig door de markt te laten dragen. Voor een goed functionerende ferryverbinding is een nieuwe afmeervoorziening nodig in de havenmond, nabij de plek waar de trein aankomt.
De aanleg van de kade kost 75 miljoen euro. In de ferrysector is het gebruikelijk dat rederijen betalen voor het gebruik van kadefaciliteiten via tijdsloten, maar zij investeren doorgaans niet zelf in haveninfrastructuur.
Bovendien worden nieuwe verbindingen vaak opgezet door startende ondernemingen. Zij kunnen de exploitatie van schepen financieren, maar hebben niet de middelen om ook de haveninfrastructuur te bekostigen.
Risico en bredere inzet
Wanneer de ferryverbinding succesvol blijkt, kan de investering zich volgens de provincie relatief snel terugverdienen. Mocht de verbinding echter niet rendabel zijn, dan kan de kade ook voor andere doeleinden worden gebruikt, zoals defensie, logistiek en offshore wind. Ook worden andere ferrybestemmingen verkend, waaronder het Verenigd Koninkrijk, Schotland en Ierland.
In het ongunstige scenario ontstaat een zogeheten ‘onrendabele top’ van 36 miljoen euro. Dat risico kan Groningen Seaports niet alleen dragen. De gevraagde overheidsbijdrage moet in dat geval dienen als afdekking van dat financiële risico.
Vanuit de provincie is geen brief naar Noorwegen gestuurd. Wel heeft de directie van Groningen Seaports contact gehad met de havendirectie van Arendal om de besluitvormingsprocedure toe te lichten.
De komende periode wordt duidelijk of het Rijk bereid is financieel bij te dragen aan de plannen. Daarmee valt of staat de verdere uitwerking van de ferryverbinding tussen Eemshaven en Arendal.




