Groningen – De komende jaren gaan er mooie dingen gebeuren tussen de Eemshaven en Delfzijl. We werken er aan een dubbele dijk. De dijk zelf wordt deels aangelegd met slib dat we uit de Eems-Dollard halen. En in het gebied tussen de twee dijken in willen we boeren de kans geven om te experimenteren met zilte teelt.

Zilte teelt, waar moet u dan aan denken? Bijvoorbeeld aan gewassen als lamsoor en zeekraal. Dat groeit nu vooral in natuurgebieden, maar het kan ook binnendijks en in een productieproces. Er zijn al proeven met gerst, die veelbelovend zijn. En -nu wordt het echt interessant- met aardappelen.

De ruimte tussen de beide dijken is zo’n 40 hectare. Een prachtig afgesloten gebied  om eens te kijken wat er kan. Zonder dat de reguliere landbouw er last van heeft. Want dat hoor ik steevast als eerste reactie van boeren: geen verzilting van goede landbouwgrond!

Verzilting van goede productiegrond is inderdaad een bedreiging. Tegelijk moet je erkennen dat verzilting een mondiaal probleem is. Wat is er nou mooier als Groningen met al zijn kennis en kunde van aardappels gaat kijken of er manieren zijn om goed voedsel te telen op gebieden waar zout water toegang heeft?

Natuurlijk, hier en daar is al wat zilte teelt. De vader bijvoorbeeld van Dorian van Rijsselberghe, de surfer die Olympisch goud won in Londen, is op Texel op ongeveer één hectare aan het pionieren. Met de dubbele dijk hebben we een prachtige kans om Groningen in één klap koploper te maken. Veertig hectare, waar we kunnen kijken welke productiegewassen goed gedijen op zilte grond. Grond die nu en dan met het tij ook onder water gezet kan worden, zodat je op een natuurlijke manier kunt irrigeren.

Dan moet er direct ook maar een kenniscentrum zilte teelt komen in Groningen. Er is een idee om dat te starten, onder de vlag van de Waddenacademie. Dit instituut heeft een breed werkterrein: van ecologie tot geologie, van klimaat tot cultuurhistorie. En straks misschien dus ook landbouw.

Nou laten wij al een tijd met de Innovatieagenda Veenkoloniën hoe je vanuit één proefboerderij een programma van 40 miljoen euro kunt draaien om de akkerbouw een duw in de rug te geven. Zoiets zou ik in Groningen ook graag opzetten voor zilte teelt.  Dat kenniscentrum moet dus maar bij ons komen.

Zoute aardappels? Voor mij hoeft het niet, denkt u misschien. Maar de smaak, laat ik het op z’n Gronings zeggen, valt best mee. Sterker nog: het is prima eten.

En er is meer, denk maar aan zeevenkel en zeekool. Of kombu. Maar goed, dat bestaat al. Het is ook leuk om producten te starten die de wereld kunnen veroveren. Want aan eiwitrijk- en mineraalrijk voedsel is wereldwijd behoefte. Er is dus zeker een markt.

En de noodzaak is er ook, want verzilting is een mondiaal probleem. Plus: het tekort aan zoet water neemt ook toe. Wat zou het prachtig zijn als de landbouw, en misschien ook de tuinbouw, minder van dat dure zoete water nodig heeft! Zodat er voldoende zoet water beschikbaar blijft voor ons consumenten.

Ik heb een hekel aan het woord, maar dit is nou typisch een win-winsituatie…

Henk Staghouwer gedeputeerde provincie Groningen

Advertenties